
Oldenzaal
Bestuur
Opinie.
Nu de storm geluwd lijkt te zijn over wat er allemaal gebeurd is rond het Plechelmusplein en we deze dagen in de diverse carnavalsgala’s hartelijk hebben kunnen lachen over wat ons met dit project op de hals hebben gehaald, wil ik in dit stukje een ander -misschien serieuzer - licht op de zaak werpen.
Kort samengevat zie ik wat er met de affaire Plechelmusplein gebeurd is en nog gaat gebeuren heel duidelijk illustreert hoe wij allemaal omgaan met besluitvorming en daarmee met elkaar.Ik zal mijn beeld geven van wat de overheid doet om tot een zorgvuldig afgewogen voorstel te komen. Hoe de gemeenteraad het besluit neemt en hoe de bevolking er vervolgens op reageert. De wereld van twee werkelijkheden om wie, als je ze naast elkaar houdt, vreselijk kunt lachen, maar die een droevige ondertoon heeft.Hoe denkt de overheid: dat Plechelmusplein moet nodig op de schop. Wij hebben als Oldenzaal uitstraling nodig om mensen te binden en een mooie leefomgeving te bieden. Het project Plechelmusplein past ook prima in de stadsvisie. Lossen we ook een probleem op? Nou nee, niet direct. Dat hoeft ook niet als je een visie hebt.
Hoe denkt de bevolking: het Plechelmusplein is eigenlijk een onooglijk plein. Hier en daar leegstand en het winkelende publiek trekt er met een grote boog omheen Parkeren was er toch al een crime. Dus er niet teveel komen behalve als je er ook echt moet zijn.
Wat doet de overheid: vanuit de deelvisie Plechelmusplein worden ideeën geopperd en vertaald in concrete plannen en oplossingen. In de Stadhuishal worden de plannen opgehangen en wordt verwacht dat de bevolking met volle teugen komt genieten wat de plannenmakers hebben bedacht en hun mening erover gaan geven.
Wat doet de bevolking: vooral niet naar de Stadhuishal komen, want daar kom je pas als je iets bij burgerzaken te regelen hebt, wilt gaan klagen of in zeldzame gevallen gaat trouwen. Zeker niet om mee te denken over zoiets vaags als een plan. Het bereik van de lokale krant is ook niet meer wat het geweest is. Dus: we zien wel wat het wordt.
Hoe denkt raad: oei, de raadsvergadering met dit project als thema is over twee weken en het duimdikke raadstuk is net binnen. dit wordt nog een hele klus om dit plan in de fractie op zijn merites te beoordelen en tot een afgewogen besluit te komen. De financiën zijn toch wel kritisch in dit project. Daar moeten we ons toch goed op richten. Kunnen we ons branden aan die opgravingen?
Hoe denkt de bevolking: onze raad zal zeker allerlei onzin er wel uit filteren en goed aan onze belangen denken en zorgen dat de problemen die wij ervaren opgelost worden.
Wat doet raad: gelukkig is de financiering van die opgravingen met een aantal subsidies rond gekom. het plan kan worden aangenomen.
Wat doet de bevolking: ziet nu direct en vooral indirect de consequenties van het plan. Langskomen en te hoop lopen tegen een aantal aspecten ervan. Het zijn vooral die aspecten die een grote emotionele impact hebben en financieel vooral onbeduidend zijn. Ik hoef u, denk ik, niet te vertellen welke aspecten dat zijn.
Kunnen we hier iets van leren, of beter, zijn we bereid hier iets van te leren. Als we blijven doorgaan op deze weg vervreemdt de overheid en de politiek zich steeds verder van de bevolking, wordt het draagvlak onder de bevolking steeds kleiner en zal de bereidheid om in het stemhokje het verschil te maken steeds kleiner worden. Ik vind het CDA in alle geledingen in woord en daad tot uitdrukking moet brengen dat gedeelde verantwoordelijkheid niet een loze kreet is.
Voor de lezer: deze contrastbeschrijving heeft alleen betrekking op datgene wat er in mijn ogen in Oldenzaal gaande is. Ik heb er niet iets van een ander plaats bij gehaald om u niet te verwarren. Maar u kunt volgens mij dit stukje uitstekend van toepassing verklaren op vergelijkbare situaties in bestuurdersland.
Peter Gieselink
Bestuur CDA Oldenzaal